Met acht gezinsleden op een niet al te grote etage was best een druk huishouden. Ma hield de touwtjes strak in handen. Ze was georganiseerd en redelijk streng; dus altijd alles netjes en iedereen altijd opruimen en op tijd. De markt op de Ten Katestraat - 1950 Door: Beeldbank van het Stadsarchief
Diverse taakjes werden onder de kinderen verdeeld zoals boodschapjes doen. Bij de visboer in de Jan Pieter Heijestraat haalde ik eenmaal per week vaak aal in kranten of scholletjes die mijn moeder bakte. Slager Jan Link in de Kinkerstraat was een collegazanger van mijn vader en daar haalde ik zo af en toe vlees waarvoor hij sympathieke prijsjes hanteerde. Verder stoffen, stofzuigen, op zolder kolen scheppen, afwassen (grote zus Mieke waste meestal af en Els en ik droogden af en ruimden op), ramen lappen, schoenen poetsen (Peter en Theo), zilver/koper poetsen (ook de brievenbuis en deurknop van de straatdeur).
Omdat zowel Pa als Peter twee linkerhanden hadden kwamen de klusjes voor mijn rekening. In het voorjaar was er grote schoonmaak. Alle keuken- en servieskasten werden leeggehaald, spullen en planken schoongemaakt en zonodig van nieuw kastpapier voorzien vastgepind met punaises.
Ook was het Peter's en mijn taak om de fietsen van de kinderen naar de trapomloop van de 2e en 3e etage te dragen en 's ochtends weer naar beneden. De fietsen van Pa en Peter bleven op straat. Ook banden plakken van alle fietsen met een teiltje met water op straat behoorden tot mijn taak. Alle kinderen kregen bij hun Plechtige H.Communie(12 jaar) een tweede hands fiets. Die ging ik met mijn moeder uitzoeken en zonodig nog ear opknappen.
Omdat Pa 's middags ging slapen om de nachtelijke uren te compenseren, moesten wij stil zijn. Dat is waarschijnlijk een van de redenen dat wij veel lazen. Gelukkig was in de Pieter Langendijkstraat een bibliotheek waar wij behalve boeken lenen ook hielpen door boeken met bruin papier te kaften tegen de vergoeding van 2 cent per boek. Door onze grote vaardigheid lukte het vaak een paar dubbeltjes te verdienen. De filiaalhouder, de heer Hemelrijk kon artistiek boekhouden door soms de ontvangen boetecenten voor het te laat inleveren van boeken, te bestemmen voor een paar taartjes! Met dank!
Lees hier alle verhalen van Theo Horbach