Mijn tante zat met een Canadees

Weerzien in de Borgerstraat

Mijn opa in 1945

Mijn opa in 1945 Door: Ron Peeters

Copyrights: Alle rechten voorbehouden

Mijn tante zat met een Canadees.

Mijn grootvader was tijdens de Tweede Wereldoorlog officier bij de British Army on Rhine. In december 1944 kwam zijn onderdeel naar Tilburg in het reeds bevrijde deel van ons land.  Zij kregen de taak samen met de Nederlandse overheid een censuurdienst op te richten om in Duitsland na de oorlog de censuur te verzorgen. In december 1945 verhuisden zij naar Peine (Dld).
Vanuit Tilburg bezocht hij zijn schoonzuster in het nabijgelegen Helmond en van haar kreeg hij de adressen in Amsterdam van mijn moeder en mijn oom. Er was geen contact met het bezette deel van het land en zij kon hem geen verder nieuws over hen vertellen.

Bij de bevrijding was ik vijf jaar oud. Als ik nu terugkijk zie ik mijzelf in de Borgerstraat met mijn moeder, stiefvader en buren feest vieren. Er werd met vlaggen gezwaaid, ‘Oranje boven, leve de koningin’ gezongen en gedanst. Groot feest!
Maar wat drie weken later gebeurde maakte nog veel meer indruk op mij. Ik leerde namelijk mijn Engelse grootvader kennen. Ik was met mijn vriendje Toon op straat aan het spelen. Er kwam een jeep aangereden. Behalve de chauffeur zaten er een officier en mijn oom Jules in. Ik holde er heen. De chauffeur nam een pak uit de auto en samen met de mannen liep ik mee naar ons huis. Mijn oom belde aan. Mijn moeder deed de deur open en schrok. Zij stamelde, huilde, lachte, riep ‘papa’ en vloog de officier in de armen.
Het was de eerste keer dat ik mijn opa zag.

De chauffeur had het pak - een voedselpakket - in de keuken gezet. Samen met mijn moeder mocht ik het uitpakken. Er kwamen allerlei dingen uit die ik nog nooit had gezien . Chocolade, koeken, sigaretten, thee en nog veel meer.
Mijn opa vertelde dat hij maar een paar uur kon blijven maar dat hij ervoor zou zorgen dat mijn oma zo snel mogelijk ook uit Engeland over zou komen.

Destijds besefte ik niet hoe onwaarschijnlijk het samenvallen van de terugkomst van mijn oom Jules uit de dwangarbeid in Hamburg en het weerzien met zijn vader op een en dezelfde dag is geweest. Oom Jules vertelde aan mijn moeder wat er de vorige dag was gebeurd toen hij uit Hamburg terug naar Amsterdam was gekomen. Hun straat inlopend kwam Eldert, Rietjes neef, juist aanlopen. Het eerste dat hij zei nadat hij Jules had begroet was dat tante Rietje thuis was en dat zij er met een Canadees* zat.
Hij opende de straatdeur, rende de trap op en zag zijn vrouw met een militair boven aan het trapgat staan. Hij kon zijn ogen niet geloven. Het was zijn vader die daar stond. Zij hadden elkaar acht jaar niet gezien.
Zijn vader bleef die nacht bij Jules en Rietje om de volgende dag naar ons toe te gaan.
De chauffeur was naar het geallieerde legerkamp op het IJsclubterrein gereden dat op de plaats stond waar voordien de Duitsers een kamp hadden. 

------

*Albert De Booy schreef er een lied over: Trees heeft een Canadees.
Het refrein geeft de blijdschap van veel jonge vrouwen na de bevrijding weer en de aantrekkingskracht die uitging van de geallieerde soldaten:
"Trees heeft een Canadees
Samen in de jeep en dan vol gas
Al vindt zij dat Engels lang niet mis is
Trees heeft een Canadees
O, wat is dat kindje in d'r sas."

Copyrights: Alle rechten voorbehouden

82 keer bekeken

Wies

Ziel

Zo vanuit de ziel beschreven, het lijkt alsof ik door het raam kijk!