Van Friesland naar Amsterdam, en terug!!

Dit verhaal werd door mij verteld tijdens de verhalenvoorstelling '60 jaar Werk in Nieuw-West' in maart 2016 in het Van Eesteren Museum.

foto Hans.JPG

foto Hans.JPG

In 1955 nam mijn vader Hendrik Staphorsius het besluit om zijn dorp Gorredijk op het Friese platteland te verlaten en naar Amsterdam te gaan.

In zijn geboorteplaats had hij zijn leven van 12 banen 13 ongelukken na de oorlog weer opgepakt. In 1955 had hij in de Hoofdstraat een Fotowinkel en Naaimachinezaak. Het lukte hem niet om daarmee, in de moeilijke tijd van de wederopbouw, genoeg geld te verdienen om zijn gezin te onderhouden. Daarvoor brachten de incidentele pasfoto’s en af en toe een naaimachines smeren niet genoeg op!

In Amsterdam werden in die periode de Westelijke Tuinsteden aangelegd. Slotermeer was zo goed als klaar en aan Geuzenveld werd nog volop gebouwd. En er werden conducteurs gevraagd voor het uitbreidende tramnet in de Hoofdstad. Dus hij liet vrouw en kinderen achter en ging in de kost in de Kinkerstraat, terwijl hij bij het GVB de opleiding tot conducteur volgde. Vijf dagen in Amsterdam en het weekeinde in Friesland bij ons. Na een jaar kreeg hij zijn vaste aanstelling op lijn 13 en kon hij zijn gezin laten overkomen, naar zijn nieuwe woning in de Dolhaantjestraat, midden in de zandverstuiving van Geuzenveld. Daarmee was de armoede nog niet over want de hoge huur en het relatief lage ambtenarensalaris gaven weinig financiële armslag. Daarom moest hij zijn vaardigheden in het repareren van naaimachines en brommers veelvuldig aanwenden voor een beetje extra inkomen.


Het eindpunt van lijn 13 was destijds op de Slotermeerlaan. Dus hij hoefde niet lang te reizen van en naar zijn werk. En door zijn ongeregelde diensten, kon hij overdag zijn steentje bijdragen in de opvoeding en de dagelijkse boodschappen. Voor veel van de dagelijkse boodschappen waren we toen nog aangewezen op de winkels aan de Burgemeester Vlugtlaan. Lange wandelingen met volle boodschappentassen dus. Maar gelukkig kwamen de bakker en de melkboer wel aan de deur! In die tijd mocht ik als kleine jongen heel vaak mee rijden op lijn 13, waarbij ik naast zijn conducteurshokje mocht staan, terwijl we naar het Centraal Station en terug reden. En dat soms wel 2 of 3 x achter elkaar. In mijn vaders tram, lijn 13. Langzaam ging het financieel wat beter. Mijn broertjes en ik gingen naar school, mijn moeder raakte meer ingeburgerd in de grote stad en mijn vader hoefde niet meer zo vaak bij te klussen voor buurmannen en buurvrouwen.


Maar na een paar jaar ging het mis. Mijn vader die een stuk ouder was, had de inburgering van mijn moeder niet bij kunnen houden. Terwijl zij de mogelijkheden en verleidingen van de grote stad ontdekte, deed hij trouw zijn werk en hield hij zijn Friese leefstijl en gewoontes in ere. Thuis was de voertaal onderling altijd Fries. Na 13 jaar huwelijk ging mijn moeder er met de huisraad en kinderen vandoor en scheidde zij van mijn vader. Mijn vader stond er alleen voor in de stad waar hij niets mee had. Maar omdat ik na drie weken weer bij hem kwam wonen, had hij een reden om in Amsterdam te blijven. Hijzelf bleef verder altijd alleen, zijn vertrouwen in de andere sekse was permanent beschadigd. Met zijn tweeën, verdeelden we thuis de taken en zorgden we ervoor dat ons mannenhuishouden functioneerde. Ik kon dus al jong koken, huishouden en boodschappen doen. Ik ging naar de LTS en daarna naar het Gemeente Energiebedrijf, mede op advies van mijn vader. Vast werk zei hij dan en zo was dat vroeger ook!! Ik werd zelfstandig, kreeg verkering en mijn vader ging weer steeds vaker nadenken over zijn toekomst.


Hij was eigenlijk nooit ingeburgerd in Amsterdam, zijn contacten had hij op zijn werk of met de (Friese)collega’s in de straat. Hij had een mooi huis en we hadden het aardig voor elkaar samen, maar wat moest hij straks nog in Amsterdam. Toen ik trouwde en met mijn vrouw bij hem introk, in het huis waar we nog steeds wonen, lonkte zijn vervroegd pensioen. Hij werkte inmiddels bij de Gemeentemusea, omdat de conducteurs op de tram waren vervangen door stempelautomaten. In 1979 vertrok hij uit Amsterdam Geuzenveld, om definitief terug te keren naar zijn geliefde Fryslân.


(Hy wie wer Thûs)


Hij was weer thuis!!

 

 

 

Alle rechten voorbehouden

254 keer bekeken

Geen reacties

Voeg je reactie toe